Vroeger:
Roosendaal, 28 januari 1974. Mijn ouders hebben een hele middag bij het reisbureau gezeten en komen blij thuis. Ze hebben een vakantie geboekt naar Spanje. Voor mij als klein jongetje lijkt dat wel de andere kant van de wereld. Zeeland, Limburg en Antwerpen heb ik al gezien in mijn prille leventje. Maar deze zomer gaan we helemaal naar Blanes. Op dat moment nog een vrij jonge badplaats aan de Spaanse Costa Brava. Mijn ouders vertellen me dat het in Spanje altijd warm is en dat we maar liefst twee dagen met de auto moeten reizen tot we er zijn. Het is nu vooral aftellen, want ik moet nog tot begin juli naar school.
Woensdag 10 juli 1974. Mijn vader is naar de Bondspaarbank gereden om daar een enveloppe met bestelde Spaanse peseta’s, Belgische Franken en Franse Franken op te halen, samen met eurocheques die hij onderweg in kan wisselen voor extra geld mocht dat nodig zijn. Mijn moeder heeft een nieuwe kofferset gehaald en alvast spelletjes bedacht om ons in de auto zoet te kunnen houden. De auto, een prachtige Vauxhall Chevette van enkele jaren oud, heeft nog eventjes een goede beurt gehad.
Donderdag 11 juli 1974. Op een grote wegenkaart stippelen mijn ouders de route uit. De bijna 1400 kilometer voert ons langs de Boulevard Périphérique bij Parijs. Mijn ouders discussiëren nog of we er omheen rijden of dat we toch deze zelfmoordringweg zullen volgen. Mijn vader besluit dat het toch door Parijs wordt, want het overnachtingshotel in Parijs is al maanden geleden geboekt en betaald.
‘s Avonds wordt de auto alvast helemaal volgeladen. Omdat niet alles in de krappe kofferbak past heeft mijn vader snel nog een imperiaal gekocht en gemonteerd. We weten immers niet wat we allemaal nodig hebben in Blanes, dus liever teveel mee dan te weinig.
Vrijdagochtend 12 juli 1974. De wekker is al om 5 uur gegaan want mijn vader wil bijtijds wegrijden. Uiteindelijk rijden we pas om half acht weg in plaats van de geplande vertrektijd van 6 uur. Mijn moeder wilde toch nog eventjes het koffiezetapparaat, een stapeltje servies en de leesmap meenemen. Dat betekende dat de zorgvuldig volgestouwde auto eventjes herschikt diende te worden.
We passeren Antwerpen. Het cassettebandje met de laatste hits van The Shadows is al ene keer omgedraaid. Mijn broer en ik zitten nog rustig wat te tekenen op de achterbank. Tegen 1 uur ‘s middags bereiken we Parijs. Op het moment dat mijn vader vol stress op de berichte ringweg van Parijs rijdt vraagt mijn moeder of hij de koffiefilters niet vergeten is mee te nemen. Wat hebben we immers aan een koffieapparaat zonder koffiefilters? De chaos op de weg zorgt ervoor dat mijn ouders zowat in een echtscheiding belandden. Dit hoorde er vroeger kennelijk bij, bij een autovakantie. Dankzij (of ondanks) de wegenkaart en aanwijzingen van mijn moeder bereiken we tegen vijf uur ‘s middags pas ons overnachtingshotel.
Zaterdagochtend 13 juli. Om 3 uur ‘s nachts worden mijn broer en ik al uit bed gehaald. We moeten nog bijna duizend kilometer rijden vandaag. Via de Franse tolwegen is dat inclusief stops zeker nog een uur of veertien reizen. Een kwartier later zijn we op weg. De drukte zijn we mooi voor. Bijna drie uur verder blijkt dat mijn vader bij Vierzon de verkeerde afslag genomen heeft. Buiten is het nog maar veertien graden maar in de auto wordt het kookpunt alweer bereikt. De volgende afslag eraf en weer ‘en route’ over de A20 richting Toulouse.
12 uur ‘s middags. We naderen Toulouse. Onderweg hebben mijn broer en ik uit verveling naar andere Nederlandse auto’s gezwaaid en elkaar al wat klappen verkocht. Mijn moeder zet een spelletje “ik zie, ik zie wat jij niet ziet” in. Buiten is het inmiddels flink warm. Dat kun je nergens aflezen, maar de warmte is in de auto inmiddels goed voelbaar. Mijn ouders doen hun ramen open om wat verfrissing in de auto te brengen. 14:45 uur. We komen aan bij de grenspost La Jonquera om Spanje in te gaan. De wachtrij voor de paspoortcontrole valt mee. Binnen een half uur kunnen we onze weg vervolgen in Spanje, nadat zowel de Franse als de Spaanse douanebeambte met een strenge blik de paspoorten gecontroleerd heeft.
Tegen zes uur komen we aan in Blanes. Met gebrekkig Engels en een stapel Spaanse peseta’s als borg krijgen we de sleutel van ons appartement. In het appartement staat wel een koffieapparaat, dus die hadden we toch niet mee hoeven nemen. Een televisie of zelfs radio ontbreekt. Niet nodig ook, want we kunnen twee weken genieten van de Spaanse zon.
Maandag 15 juli 1974. Vandaag is het postkantoor open, dus kunnen we naar het thuisfront bellen. Met een stapel muntgeld bellen we naar beide opa’s en oma’s om te laten weten dat we goed aangekomen zijn en dat het heel lekker weer is in Spanje. Mijn broer en ik mogen ook tien seconden iets zeggen. Niet te lang, want bellen naar Nederland is heeeeeeel erg duur en mijn vader heeft anders al te snel zijn eurocheques nodig. ‘s Middags schrijven we ansichtkaarten om die dezelfde dag naar familie en vrienden in Nederland te sturen. Als we geluk hebben komen deze in dezelfde week aan dat we zelf terugkeren naar Nederland.
Zaterdag 11 augustus 1974. Vorige week heeft mijn moeder de twee fotorolletjes laten ontwikkelen. Maar liefst 62 foto’s van ons avontuur naar Spanje, want 10 foto’s waren totaal mislukt. Dat zie je helaas pas als de foto’s een week later ontwikkeld zijn. Vanmiddag komt een groot deel van naaste familie en vrienden bij ons barbecueën. Gewoon op houtskool en met zwartgeblakerd vlees, want van enge ziektes als kanker had men nog niet gehoord. Terwijl mijn vader het vlees wegspoelt met een flinke slok Skol bier vertelt hij trots aan (schoon)broers en -zussen over onze vakantie in Spanje. Ze hangen aan zijn besnorde lippen, want ze kennen niemand die zo ver weg is geweest. Ze hopen toch zelf ook snel een keer naar de Spaanse kust te gaan. Bij ons duurde het weer een paar jaar voordat we zo ver op vakantie gingen, want vakantie in het buitenland was nog een echte luxe.
Nu:
Zondag 12 januari 2014. Ik ga naar de website WTC.nl om te zoeken naar voordelige vliegtickets naar Ibiza. We hebben zin om lekker een paar weken te chillen in Europa deze zomer. Na een rondreis door Florida, alle hoogtepunten van Dubai bekijken en de Mayacultuur in Mexico opsnuiven willen onze kids dit jaar vooral rustig aan doen.Binnen een kwartier zijn de vliegtickets geboekt. Vijf minuten later heb ik de e-tickets van al in mijn inbox zitten. Snel eventjes online onze stoelen aan boord vastleggen onze vaste villa vastleggen voor drie weken.
Zaterdag 12 juli 2014. De taxi komt ons om 8 uur ‘s morgens ophalen om ons naar het vliegveld van Eindhoven te brengen. We vliegen pas om 13:10 uur en we hebben gisteren al online ingechecked. Binnen ruim twee uur vliegt het comfortabele toestel van Transavia ons naar het internationale vliegveld van Ibiza. Vlak voor vetrek nog eventjes een berichtje naar oma sturen dat we aan boord gaan. Aan boord zitten we alle vier met onze iPad voor de neus. Een filmpje later stappen we uitgerust uit op Ibiza. De iPhone geeft aan dat het er 31 graden is. Snel nog eventjes wat euro’s uit de muur trekken en een selfie maken om op Facebook te gooien. Twee uur later zitten we relaxed aan ‘ons’ zwembad op Ibiza. Via Facebook, Twitter en What’s app houden we vrienden en familie continu op de hoogte van wat we eten, zien en doen op Ibiza. Op dit soort momenten denk ik nog wel eens terug aan die tijd dat een vakantie nog een groot avontuur was. Dat je met verschillende valuta (en heel veel muntgeld om te bellen!) op reis moest. Dat je zenuwachtig wachtte voor een grenscontrole tussen Frankrijk en Spanje. Aan de tijd dat je iedereen op een feestje of barbecue vertelde over alles wat je beleefd had.